Bankdiensten niet voor iedereen
15 december 2010 - 574 keer bekeken - Banken & financiƫle markten
Hoe meer mensen gebruik maken van bankdiensten, des te beter dat is voor de economie. Mensen met een laag inkomen of op het platteland maken relatief weinig gebruik van banken. Een andere bankenstructuur, bijvoorbeeld meer staatsbanken, is echter geen oplossing. Dat concluderen Thorsten Beck en Martin Brown van de Universiteit van Tilburg in hun onderzoek Which households use banks? Evidence from the transition economies.
Er is overheden veel aan gelegen het gebruik van bankdiensten te bevorderen. Volgens Beck en Brown zijn er echter grote vraagtekens te plaatsen bij het vermogen van overheden om op dat gebied succes te boeken bij groepen die weinig gebruik maken van bankdiensten, zoals lager opgeleiden en mensen op het platteland.
Staatsbanken
Op het eerste gezicht lijkt het dat de genoemde bevolkingsgroepen meer bankdiensten zouden gebruiken als in een land veel staatsbanken zijn. Buitenlandse banken richten zich namelijk, blijkt ook uit het onderzoek, vooral op de hoogopgeleiden (die ook een hoger inkomen hebben). Maar Beck en Brown stellen dat de aanwezigheid van meer staatsbanken de kans op succes niet noemenswaardig verhoogt.
Ook maatregelen als het depositogarantiestelsel helpen niet veel, concluderen de onderzoekers. Het depositogarantiestelsel garandeert de spaarder dat hij zijn geld niet verliest als zijn bank om zou vallen. Dat zorgt voor voldoende vertrouwen bij spaarders om hun geld bij de bank aan te houden. De bank kan het vervolgens uitlenen aan anderen.
Cruciaal
De bevindingen van Beck en Brown zijn van belang, omdat banken een cruciale schakel zijn voor meer economische groei. Mensen die bijvoorbeeld ontslagen worden, zouden dan meteen veel minder uitgeven, omdat hun inkomen daalt. Minder uitgeven zorgt voor lagere economische groei, nieuwe ontslagrondes, etcetera.
Met allerlei spaarvormen en leningsoorten kunnen huishoudens tijdelijke dipjes, bijvoorbeeld bij ontslag, overbruggen zonder dat de economische groei meteen keldert. Ook zijn huishoudens in staat te investeren in zichzelf zonder dat ze eerst jarenlang moeten sparen. Zo kan iemand bijvoorbeeld geld lenen om een opleiding te volgen. Dat komt de welvaart ten goede.
Toegang tot banken
Dergelijke maatregelen verbeteren wel de toegang tot financiële diensten, maar het is lastig die maatregelen te richten op specifieke bevolkingsgroepen zodat zij ook daadwerkelijk gebruik kunnen maken van die verbeterde toegang, aldus de Tilburgse onderzoekers.
Beck en Brown hebben gekeken naar 29 landen waar Oost-Europa bank actief is. Het zijn vooral de zogeheten transitielanden uit Oost-Europa en Centraal-Azië.
Om een reactie te kunnen plaatsen moet je ingelogd zijn.
-

prof. dr. T.H.L. Beck
Hoogleraar -

dr M. Brown





ShareThis
